De energie die vanuit de bos-, natuur- en landschapssector en vanuit de houtketen zal worden geleverd, wordt gerealiseerd door gebruik te maken van reststromen uit het bos - en natuurbeheer (bijvoorbeeld tak- en tophout) en de houtketen (bijvoorbeeld uit zagerijen en de papierindustrie).
Bij de verwerking van houtige biomassa wordt gestreefd naar toepassing volgens het Cascade-principe (c.q. de Ladder van Lansink), hetgeen inhoudt dat hoogwaardig hout voor hoogwaardige toepassingen wordt benut, dat hout en reststromen zoveel mogelijk worden hergebruikt en dat energetische toepassingen vooral worden verkregen uit de achterblijvende restproducten.
Energie uit biomassa draagt bij aan het oplossen van het mondiale CO2-probleem. Het gebruik van energie uit de producten uit natuur, bos en landschap in Nederland en uit de houtketen kent vele voordelen:
(bron min. LNV)